Woord van Leven (Focolare)

afbeelding woord van levenDe tekst van het ‘Woord van leven’ (WvL) wordt uitgegeven door de Focolarebeweging in 90 talen. De maandelijkse rubriek is een zin uit de bijbel met een uitleg die wil helpen om de woorden in concreet leven om te zetten. Deze rubriek staat met nog meer verrijkende ervaringen in het tijdschrift ‘Nieuwe Stad’.

Met veel enthousiasme wordt het Wvl door veel mensen verspreid. Zo bereikt het vele anderen, die soms op zoek gaan naar de afzender, naar degene die dit stuurt. De contactpersoon in onze parochie voor WvL is Agnes Vos, diaconaal assitent, te breiken via e-mail diaconaal-assistent-ng.

Verwijzingen

Maart 2024
Februari 2024
Januari 2024
December 2023

Woord van leven (maart 2024)

“Schep, o God, een zuiver hart in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig.” (Psalmen 51:12)

De zinsnede uit de Schrift die ons in deze vastentijd wordt voorgesteld, maakt deel uit van psalm 51. In vers 12 treffen we deze aangrijpende en nederige smeekbede aan: “Schep, o God, een zuiver hart in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig.” De tekst staat bekend als ‘Miserere’. Daarin verkent de auteur de diepste gemoedsbewegingen en verborgen hoekjes van de menselijke ziel: het onverzadigbare verlangen naar de gemeenschap met God, maar ook de ontoereikendheid van de mens.

“Schep, o God, een zuiver hart in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig.”

De psalm is gebaseerd op een bekende episode uit het leven van David. Door God geroepen om voor het volk Israël te zorgen en het te leiden op de weg van gehoorzaamheid aan het Verbond, overtreedt hij zijn eigen opdracht. Nadat hij overspel heeft gepleegd met Batseba, laat hij haar man, Uria de Hethiet, een officier van zijn leger, sneuvelen in de strijd. De profeet Natan maakt hem de ernst van zijn vergrijp duidelijk en helpt hem die te erkennen. Dan belijdt David zijn eigen zonden. Het is het moment van zijn verzoening met God.

“Schep, o God, een zuiver hart in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig.”

In deze psalm horen we krachtige woorden van berouw van de koning maar ook zijn vertrouwen in de goddelijke vergeving: “zuiver mij van mijn zonden”, “reinig mij van wat ik misdeed” en “herschep mijn hart”. De psalm maakt duidelijk dat alleen God de mens kan bevrijden van zijn zwakheden. Alleen Hij kan ons tot nieuwe schepselen met een “zuiver hart” maken, ons vervullen met zijn levenscheppende geest, ons de ware vreugde en een “standvastige geest” geven en onze relatie met God, met andere levende wezens, met de natuur en de kosmos, radicaal nieuw maken.

“Schep, o God, een zuiver hart in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig.”

Hoe kunnen we dit Woord van leven in praktijk brengen?

De eerste stap zal zijn te erkennen dat we zondaars zijn die Gods vergeving nodig hebben, maar ook dat we in Hem een onbegrensd vertrouwen stellen.

Het kan gebeuren dat onze steeds terugkerende fouten ons ontmoedigen, ons in onszelf doen keren. Laten we daarom proberen de deur van ons hart tenminste op een kier te zetten. In het begin van de jaren 40 schreef Chiara Lubich aan iemand die niet in staat was om verder te kijken dan haar eigen tekortkomingen: “Ban elke negatieve gedachte uit. Weet dat Jezus juist tot ons wordt aange­trokken wanneer wij nederig, in vertrouwen en liefdevol onze zonden belijden. Van onze kant hebben we alleen maar miserie te bieden. Hij van zijn kant alleen maar barmhartigheid. Verenig je met Hem door Hem als enig geschenk je eigen zonden aan te bieden, niet je deugden! Jezus is naar de aarde gekomen met als enige verlangen om Redder te zijn, Geneesheer!”[1]

“Schep, o God, een zuiver hart in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig.”

En als we eenmaal zijn bevrijd en vergeving hebben ontvangen, laten we dan met de hulp van onze broers en zusters beginnen onze medemens concreet lief te hebben, wie dat ook mag zijn. Wat van ons wordt gevraagd, is een liefde die alles vergeeft. Dat is wat een christen kenmerkt. Paus Franciscus zei daarover: “Gods vergeving is het grootste teken van zijn barmhartigheid. Het is een geschenk dat elke persoon aan wie vergeving is geschonken, geroepen is te delen met elke broer en zuster die hij ontmoet: familieleden, vrienden, collega’s, leden van de kerk… Allemaal hebben ze net als wij Gods genade nodig. Het is mooi om vergeving te ontvangen, maar als je vergeven wilt worden, vergeef zelf dan ook. Vergeef, om getuige te zijn van zijn vergeving. Vergeving zuivert het hart en vormt je leven om.”[2]

Augusto Reyes en het Woord-van-leven-team 

[1] Chiara Lubich, Lettere 1943-1960, Città Nuova, Rome 2022, blz. 350.

[2] Paus Franciscus, Algemene audiëntie, Barmhartigheid wist de zonde uit, 30 maart 2016.

Andere edities van deze Woord voor Leven:

Woord van leven (februari 2024)

“Alles wat u doet, moet u met liefde doen. 1 Korintiërs 16:14[1]

Deze maand kunnen we ons laten verlichten door de woorden en ervaringen van de apostel Paulus volgens het psalmvers dat zegt: “Uw woord is een lamp voor mijn voet.”[2]  Hij verkondigt ook aan ons, net als aan de christenen van Korinte, een sterke boodschap: het hart van het Evangelie is de naastenliefde, een onbaatzuchtige liefde tussen broers en zusters.

Ons Woord van leven maakt deel uit van de afsluitende woorden in deze brief van Paulus, waarin de naastenliefde overvloedig in herinnering wordt gebracht en uitgelegd in al haar nuances: zij is geduldig, welwillend, houdt van de waarheid, zoekt niet haar eigen belang, enz.[3]

Wederzijdse liefde, in de christelijke gemeenschap op deze manier beleefd, is als een helende balsem voor de verdeeldheid die haar altijd bedreigt, en een teken van hoop voor de hele mensheid.

“Alles wat u doet, moet u met liefde doen.

Het is opvallend dat Paulus ons aanspoort om te handelen door “in de liefde te zijn”, alsof hij ons een stabiele toestand wil tonen, een ‘verblijven’ in God, die Liefde is.

Maar hoe zouden we elkaar en elke persoon in feite met deze houding kunnen verwelkomen, als we niet erkennen dat we allereerst door God worden bemind, ook in onze zwakheden?

Het is dit vernieuwde bewustzijn dat ons in staat stelt om onszelf onbevreesd open te stellen voor anderen, om hun behoeften te begrijpen, hen nabij te zijn en materiële en spirituele goederen met elkaar te delen.

We kunnen eens zien hoe Jezus dat deed. Hij is ons voorbeeld.

Hij is altijd de eerste geweest om te geven. Hij schonk gezondheid aan zieken, vergeving aan zondaars, leven aan ons allemaal. Tegenover egoïsme stelt Hij vrijgevigheid; tegenover eigenbelang aandacht voor anderen; tegenover bezitsdrang een houding van geven. Het maakt niet uit of we veel of weinig kunnen geven. Het belangrijkste is hoe we geven: een klein gebaar van aandacht voor de ander kan al genezend zijn.

“Alles wat u doet, moet u met liefde doen.

 Dit Woord leert ons om anderen met oprechte bedoelingen, met vindingrijkheid te benaderen, om ruimte te geven aan hun beste aspiraties, zodat ieder zijn of haar bijdrage kan leveren aan het welzijn van de gemeenschap.

Twee ouders schrijven: “Toen een verontruste buurvrouw ons vertelde dat haar zoon onterecht in de gevangenis zat, spraken we af om hem te gaan bezoeken. We vastten de dag voordat we gingen, in de hoop de genade te krijgen om hem de juiste dingen te zeggen. Ook hebben we een borgtocht betaald om hem vrij te krijgen.”

Een groep jongeren uit Kameroen organiseerde een inzameling van goederen om mensen die op de vlucht waren voor het geweld in de regio te helpen. De jongeren bezochten een man die een arm had verloren tijdens zijn vlucht. De man vertelde hoeveel het bezoek voor hem betekende. Hij voelde Gods liefde door ons heen. Een van de jongeren zei later hoe ze begrepen had dat geen enkel geschenk klein is als het met liefde wordt gegeven… Er is niets anders nodig: het is de liefde die de wereld verandert.

Door Letizia Magri en het Woord-van-leven-team

[1]  Voor deze maand is het Woord van leven dat wij voorstellen hetzelfde als dat van een groep christenen uit verschillende kerkgenootschappen in Duitsland. Ze kozen dit vers uit om het hele jaar te beleven.

[2]  Vgl. Ps .119 [118]:105.

Andere edities van deze Woord voor Leven:

Woord van leven (januari 2024)

“Heb de Heer, de Heer uw God, lief… en uw naaste als uzelf.” Lucas 10:27

De Week van Gebed voor de Eenheid van de Christenen[1] biedt dit jaar stof tot nadenken met dit vers, dat zijn oorsprong vindt in het Oude Testament[2]. Op weg naar Jeruzalem wordt Jezus aangesproken door een wetgeleerde die Hem vraagt: “Meester, wat moet ik doen om deel te krijgen aan het eeuwige leven?”[3] Zo ontstaat er een dialoog, en Jezus antwoordt met een tegenvraag: “Wat staat er in de wet geschreven?”[4] Hij ontlokt zo het antwoord aan zijn gesprekspartner: liefde voor God en liefde voor de naaste worden in hun samenhang beschouwd als de samenvatting van de Wet en de Profeten.

“Heb de Heer, de Heer uw God, lief… en uw naaste als uzelf.”

“En wie is mijn naaste?”, vervolgt de wetgeleerde. Jezus reageert door de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan te vertellen. Hij somt niet de verschillende soorten mensen op die allemaal in aanmerking komen, maar beschrijft een houding van diep mededogen die al onze acties moet bezielen. Wij zijn het zelf die ons tot ‘naasten’ van anderen moeten maken.

De vraag die we onszelf moeten stellen is: “En ik, wiens naaste ben ik?”

Net zoals de Samaritaan dat deed, moeten wij zorgen voor onze broers en zusters van wie we de noden kennen, onszelf inzetten bij situaties die zich kunnen voordoen, zonder enige angst, en een liefde hebben die zich bezighoudt met het helpen, ondersteunen en aanmoedigen van iedereen.

In feite nodigt Jezus ons hiermee uit om in iemand anders een andere jezelf te zien en aan de ander te doen wat je voor jezelf zou willen. Dat is de zogenaamde ‘Gulden Regel’ die we in alle religies vinden. Gandhi legt het helder uit: “Jij en ik zijn één. Ik kan je geen kwaad doen zonder mezelf te verwonden.”[5]

“Heb de Heer, de Heer uw God, lief… en uw naaste als uzelf.”

“Als we onverschillig blijven of niets doen om tegemoet te komen aan de behoeften van onze naaste, of het nu gaat om materiële of om geestelijke goederen, kunnen we niet zeggen dat we onze naaste liefhebben als onszelf. We kunnen niet zeggen dat we hem of haar liefhebben zoals Jezus dat deed. En in een gemeenschap die geïnspireerd wil worden door de liefde die Jezus ons leerde, kan er geen plaats zijn voor ongelijkheid, niveauverschil, uitsluiting, verwaarlozing. Zolang we in onze naaste een vreemdeling zien, iemand die onze vrede verstoort of die onze plannen in de war gooit, zullen we niet kunnen zeggen dat we God liefhebben met heel ons hart.”[6]

“Heb de Heer, de Heer uw God, lief… en uw naaste als uzelf.”

Het leven is dat wat je overkomt in het moment van nu. Wees opmerkzaam voor wie er naast je staat, luister naar de ander! Dat kan interessante inkijkjes opleveren en onvoorziene initiatieven in gang zetten.

Dit is wat Victoria uit Italië overkwam: “In de kerk werd ik getroffen door de prachtige stem van een Afrikaanse vrouw die naast me zat en heel mooi zong. Ik complimenteerde haar en moedigde haar aan om lid te worden van het parochiekoor. We bleven met elkaar napraten. Ze bleek een religieuze zuster te zijn uit Equatoriaal-Guinea die op doorreis was naar Madrid. In haar instituut in Afrika vangen ze verlaten baby’s op, die ze tot aan volwassen leeftijd bijstaan. Ze leren hun een vak of bereiden hen voor op een universitaire studie. De kleermakerij is een heel gewild beroep, maar er zijn niet genoeg naaimachines.

Ik bied aan om haar te helpen andere machines te vinden, vertrouwend op Jezus. Een van mijn kennissen kent een vakman. Die vindt en repareert acht naaimachines en ook nog een strijkmachine. Een paar vrienden bieden aan om ze naar Madrid te brengen. Via een lange reis over land en over zee, bereiken de machines Malabo in Equatoriaal Guinée. Daar kunnen ze het haast niet geloven! Uit hun berichten spreekt een enorme dankbaarheid!”

Samengesteld door Patrizia Mazzola en het Woord-van-leven-team

[1]  Deze Week wordt gevierd van 18 tot 25 januari. De teksten van het gebed van dit jaar werden voorbereid door een oecumenisch team uit Burkina Faso.

[2]  Vgl. Deut. 6:5 en Lev. 19:18.

[3]  Luc. 10:25.

[4]  Luc. 10:26.

[5]  Uit: Chiara Lubich, De kunst van het liefhebben. Een evangelische kracht. Adveniat/Nieuwe Stad 2012, blz. 18.

[6]  Chiara Lubich, Woord van leven van november 1985.

Andere edities van deze Woord voor Leven:

Woord van leven (december 2023)

“Wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.”  1 Tes. 5:16-18

Paulus schrijft aan de Tessalonicenzen op een moment dat veel van Jezus’ tijdgenoten, die Hem hadden gezien en gehoord, nog leefden. Zij waren de getuigen van zijn dood en het wonder van zijn opstanding, en ook van zijn hemelvaart. Paulus hield van de gemeenschap van Tessalonica. Zij waren voorbeeldig door hun leven, hun getuigenis en hun vruchten. Hij schrijft deze brief, waarin hij hen smeekt om die aan allen voor te lezen (5:27). En daarin noteert hij aanbevelingen om “navolgers van ons en van de Heer” te blijven (1:6). Hij vat ze als volgt samen:

“Wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.”

Een kerngedachte van deze dringende aansporingen is niet alleen wat God van ons verwacht – verheugd zijn, bidden, danken – maar ook dat we dat altijd, onophoudelijk, onder alle omstandigheden doen.

Maar kan dat? Kunnen we altijd in de vreugde zijn? We weten allemaal dat het leven vol is met problemen, zorgen, verdriet en twijfel. Toch is er voor Paulus een reden om te spreken van een vreugde die altijd mogelijk is. En hij benoemt die ook: Jezus leeft in degenen die liefhebben. En iedereen kan het pad van de liefde gaan door los te komen van zichzelf, door de ogen te richten op de ander, door het vertrouwen te bewaren dat liefde alles overwint.

“Wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.”

‘Bid onophoudelijk’ is een andere aansporing. Bidden is een verlangen dat in ieder mens leeft. Bidden bouwt een persoon op en verheft ons. Maar hoe kunnen we nu ‘onophoudelijk bidden’? “Het is niet genoeg om gebedsregels en gebedsmomenten te hebben; het is noodzakelijk om gebed te worden”, zo schrijft de orthodoxe theoloog Evdokimov. Hij spoort aan om zelf “vleesgeworden gebed te zijn, om van heel je leven een liturgie te maken”. Eigenlijk moeten we doen wat kinderen doen: altijd vertrouwen. Altijd kunnen we als kinderen op God vertrouwen en Hem ‘lastig vallen’. Ieder moment kunnen we met de Vader en met de Heilige Geest die in ons woont spreken en God al onze zorgen, plannen en intenties voorleggen. Een heel eenvoudige manier om altijd te bidden is om, voordat we een handeling gaan verrichten, zachtjes de woorden “voor U, mijn God” uit te spreken. Het zal heel ons leven verrijken en omvormen.

“Wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.”

‘Hem in alles bedanken.’ Dat is de houding die vanzelf voortvloeit uit liefde voor Hem die alles heeft geschapen en die heel de geschiedenis en de kosmos ondersteunt. Laten we God bedanken als het goed gaat, maar ook in omstandigheden waarin het moeilijk is. Hij doet ons beseffen dat we niet zelf alles kunnen oplossen. Hij laat ons zien dat er altijd anderen zijn die een stukje met ons oplopen en maakt ons bewust dat we niet zelfvoorzienend zijn.

In de vreugde zijn, bidden en danken: drie handelingen waar God ons toe uitnodigt om de persoon te worden zoals Hij ons toewenst te zijn. De God van vrede wil ook ons helemaal in de vrede en vervulling zien komen (vgl. 1 Tes. 5,23). Dan zullen we de bouwers van een betere wereld worden. Is er een mooiere manier om ons voor te bereiden op het Kerstfeest?

Andere edities van deze Woord voor Leven: