Vruchten

133 1Aan de vruchten kent men de boom is een oud gezegde in onze taal. Een bepaalde Bijbelpassage over de verdorde vijgenboom (Matt 21,18-20; Mc 11, 12-14 en 20) nadat Jezus geen vijgen aan de boom vond en de boom vervloekte, heeft mij altijd bezig gehouden. Het was geen tijd voor vijgen, de boom zat vol bladeren, alles leek in orde. Jezus gaat kijken of er al iets te zien is aan de vijgenboom, maar komt bedrogen uit. Iedereen weet dat een vijgenboom, voordat de vrucht zich gaat zetten er zich al kleine knopjes vormen aan de uiteinden van de takken, die in geval van nood ook eetbaar zijn voor iemand met honger. Als deze kleine knopjes ontbreken, dan is het duidelijk dat deze vijgenboom nooit vruchten zal dragen. De bladeren zijn dan een dekmantel, een bedrog. Voor het oog lijkt alles in orde, maar ondertussen kun je lang wachten op resultaat.

Jezus gaat na de ontmoeting met de vijgenboom de stad Jeruzalem binnen en reinigt de tempel en het tempelplein. Wat in de ogen van mensen toekomst had en veelbelovend was, de geldhandel, het wisselen en de verkoop, is in de ogen van Jezus tot ondergang gedoemd. Een tempel vol bedrijvigheid, lijkt op een schitterende vijgenboom vol in blad maar waar het daadwerkelijk om draait, de vruchten, zijn er niet.

Onwillekeurig moet ik denken aan leven op de automatische piloot, maar ook geloven op de automatische piloot. Alles gaat voor het oog van de mens en het oog van jezelf, best wel aardig. Het leven lijkt dan op een openluchtmuseum, waar je al genietend doorheen loopt. Je kijkt hier en daar, je zegt: “O ja, zo was het vroeger ook bij ons thuis. Wat mooi, of gelukkig ligt dat achter ons”. Op het moment dat je de poort doorloopt en naar huis gaat, valt alles van je af of laat je alle indrukken achter je of je slaat ze op door foto's op je laptop in het mapje nostalgie te verzamelen.

133 2
Dat staat Jezus niet voor ogen als Hij spreekt over vrucht vinden. Een mens die de stap van geloof in Jezus Christus zet, wandelt door zijn leven niet als een toeschouwer, maar als een leef-, deel-en lotgenoot. Hij zal steeds meer gaan merken dat Jezus betrokken wil zijn, in alle facetten van het leven. De apostel Paulus drukt het zeer kernachtig uit: “Ikzelf leef niet meer, Christus is het die leeft in mij.” (Gal 2,20). Net als ijzer in het vuur, kan Christus het hele leven van de mens doorgloeien. Hij reinigt het, brengt een fundament onder het leven aan en richt het leven in. Met Christus leef ik dan, deel ik in zijn opdracht, in zijn vreugde en als lotgenoot zal Gods liefde mij dan ook in kwade dagen bijstaan. Dan zullen er vruchten in het menselijk leven tevoorschijn komen, waar andere mensen op kunnen bouwen. Vruchten die het verschil gaan maken in je persoonlijk leven, maar ook in het samenleven met anderen en het vormen van gemeenschap met anderen. Dan maak niet ik meer de gemeenschap, maar dan is het God -door zijn werken in mij- die de gemeenschap maakt.

Op dat moment worden zaken omgekeerd. Geen struik meer vol in het blad zonder vruchten. Dan is er sprake van een struik vol vruchten, waar het loof zich omheen beweegt. Zo'n boom of struik zal door Jezus geprezen worden, juist omdat hij vrucht draagt.

Pastoor Van der Vegt
Reageren? Klik hier!
© 3eenheidparochie 2012 - 2018          --- Disclaimer ---       --- Privacy verklaring --- ↑ Top