Het was op 1 oktober 2008 25 jaar geleden dat Hans Oldenhof als pastoraal werker begon. Hij is nu negen jaar in Nieuwegein werkzaam en ruim twee jaar in Drie Rivierenland. Een mooie gelegenheid om hem eens te vragen naar zijn drijfveren en ervaringen.

Waar kwam jouw interesse voor het pastoraat vandaan?

Mijn vader was kerkelijk heel actief. Ik werd misdienaar en lid van een gregoriaans jongenskoor. Daar heb ik leren zingen! Als 17-jarig lid van een tekstgroep van een jongerenkoor heb ik al een keer een overweging gehouden. pastor oldenhof-groot1Het laatste jaar van de middelbare school luisterde ik steeds geboeid naar mijn leraar godsdienst. Hij had een brede horizon, niet alleen door de theologie maar ook omdat hij maatschappelijk werker was geweest. In vergelijking met anderen had ik een brede interesse op het gebied van religie en politiek. Dit alles leidde er - in de roerige zeventiger jaren - toe dat ik theologie wilde gaan studeren.
Tijdens mijn studie in Nijmegen was ik ook actief in de kerk. Binnen de Vredesbeweging wist ik goed de weg in de kerk. Zo heb ik een landelijke handtekeningenactie georganiseerd in de kloosters om te waarschuwen tegen de neutronenbom. In Chili kwam in 1973 dictator Pinochet aan de macht en president Allende werd vermoord. Vijf jaar later heb ik samen met Chilenen een herdenking georganiseerd in de Studentenkerk. Mijn afstudeerrichting was missiologie. Mijn idee was: overzee zit er meer muziek in kerk en geloof. Het is er vanzelfsprekender en staat dichter bij het dagelijkse leven. De bevrijdingstheologie, die toen in opkomst was, vond ik ook heel interessant. We kunnen veel van christenen in de Derde Wereld leren.
Drie keer heb ik in mijn vakantie een reis naar Nicaragua gemaakt en heb daar contact gezocht met een aantal christelijke basisgemeenschappen. Het is nooit mijn bedoeling geweest om zelf te gaan werken in een Derde Wereldland. Vanuit Nederland wilde ik wel deze basisgemeenschappen steunen. Ze stonden aan de rand van de parochies en werden door de officiële kerk tegengewerkt. Sommige priesters hadden wel waardering voor wat deze gemeenschappen deden, maar mochten dit niet te openlijk tonen.
De laatste tien jaar is mijn aandacht meer verschoven van het buitenland naar mensen die uitgesloten worden of zich uitgesloten voelen van de eigen samenleving: allochtonen maar ook anderen. Ik heb gemerkt dat de kerk lokaal wel degelijk iets kan betekenen. Tegen het idee: “God voelt zich niet thuis in Europa, daarom is Hij in de Derde Wereld ondergedoken” heb ik me altijd verzet. Gods Geest is hier net zo goed werkzaam in mensen die met vallen en opstaan hun weg door het leven zoeken.interview-oldenhof-1
Ik ben me steeds meer gaan ergeren aan het type verkondiging, waarin mensen wordt voorgehouden dat ze van alles moeten.
Het gaat in de kerk toch om het vieren van Gods aanwezigheid in de schepping? Zo is God ook werkzaam in ieder van ons. De kunst is dat zichtbaar te maken en te vieren. Steeds meer ben ik de ontwikkeling van de eigen geloofsbeleving van mensen (en ook van mezelf) belangrijk gaan vinden. De relatie tot God is toch de basis voor het doen van het goede en het vinden van een weg naar werkelijk geluk? De combinatie in mijn werk van diaconie en verkondiging is me erg dierbaar. Als ik in het parochieverband het gevoel heb dat een overweging overkomt en aanspreekt zet ik deze altijd op de website van de Taborparochie.

Drie rode draden

Eén van de rode draden in mijn leven is: bewondering voor de veerkracht van mensen. Mijn helden zijn de mensen die veel tegenslag hebben gehad maar toch iets van hun leven weten te maken. Het is mooi als het geloof daarbij een rol speelt. Het gebeurt op allerlei plekken. Om een voorbeeld te noemen: je ziet het bij de mensen met een psychiatrische achtergrond die het Pastoraal Café bezoeken. Ik vind het erg fijn om vier keer per jaar daar de viering-met-gesprek te leiden. Het vraagt veel van je, en een tijd geleden zou ik het niet gekund hebben. In dit vak is het noodzakelijk om je te blijven ontwikkelen. Ik heb het gevoel dat ik er erg in gegroeid ben, juist de laatste jaren. Zo kan ik meer betekenen voor anderen. De kerk is er ook voor om mensen te helpen ontdekken wie ze zijn, en om levenskunst te ontwikkelen, troost en kracht op te doen. Iedereen is een kind van God. Als je het gevoel hebt dat je niet meetelt of als je met je ziel onder de arm loopt, kan de kerk je helpen je gevoel van eigenwaarde te vergroten. Dit gebeurt in de basisgemeenschappen in Nicaragua, maar net zo goed hier.

Een andere rode draad voor mij is: de band met de institutionele kerk. Over de R.-K. kerk denken veel mensen te zwart-wit. Er is heel veel waardevols, dat niet gezien wordt. En de Geest van God is natuurlijk ook werkzaam buiten de gevestigde kanalen van de kerk. Het gangbare beeld van diaconie was dat we vanuit de kerk kijken waar h franciscus nicolaas-2mensen zijn die we kunnen helpen. Daar is op zich niks mis mee. De kerk heeft wel minder veerkracht gekregen. Nu kijken we ook waar de Geest van God waait onder de mensen.
Dat brengen we de gemeenschap van de kerk binnen. Van daaruit kunnen we mensen actief steunen, en niet andersom: vanuit de kerk de samenleving dingen opleggen. De diaconale werker en de diaken zijn daarbij een soort 'ambassadeur'.

Nóg een rode draad: de invloed van de Franciscaanse beweging op mijn pastor-zijn. Mijn vader was lid van de Derde Orde van Franciscus. Ik vond het mooi hoe hij in zijn werk stond: met veel liefde en toewijding voor leerlingen met minder capaciteiten. Ongeveer 20 jaar geleden ben ik zelf actief geworden in de Franciscaanse beweging. Eén van de werken van barmhartigheid is het begraven van de doden. Ik heb talloze uitvaarten gedaan. Mensen typeren mijn uitvaarten vaak als “warm en eenvoudig”. Bij uitvaarten met veel tragiek of bij kleurrijke mensen voel ik me extra uitgedaagd. Ik wil ook eenvoudige mensen de eer geven die hen toekomt. Zo heb ik er gelukkig voor kunnen zorgen dat de verongelukte Bobby Johnson, bij vele Nieuwegeiners bekend als Straatnieuwsverkoper op City Plaza, een mooie uitvaart kreeg. Het voorstel van een ambtenaar was een stille begrafenis op Noorderveld voor deze vluchteling. Maar Bobby was een publieke figuur. Dan zie je ook het mooie van de parochie: iedereen droeg zijn steentje bij. Veel mensen legden bloemen bij een herdenkingsplek die we hadden gemaakt op City Plaza. Vrijwilligers van de kerk zorgden voor een mooie oecumenische viering. Kerkgangers en parochiebladlezers betaalden de steen. Dat is de kerk op haar best. Oog hebben voor mensen als hij: dat is ook in de lijn van Franciscus. Hij verkeerde graag tussen mensen met weinig aanzien. Arme mensen verschuilen zich minder achter façades. Ze zijn vaak open en hebben een lage drempel. En er is humor.

Is er ruimte voor diaconie binnen de parochie?

Diaconie is wel een ondergeschoven kindje. Er zijn weinig mensen actief in, maar het wordt wel gewaardeerd. Het vinden van vrijwilligers voor bijv. het Pastoraal Café en de noodopvang voor dakloze vluchtelingen was geen probleem omdat we mensen persoonlijk aanspraken. Zowel katholieken als protestanten werden hierbij actief en vormden een hechte club. De Caritas van Nieuwegein is heel actief. Ik heb erop aangedrongen dat ze meedoet aan het Platform Armoedebestrijding. Dit heeft zowel bij de kerk als in de politiek draagvlak. In Nieuwegein heb ik veel aan de weg getimmerd; ik heb gemerkt dat veel sleutelfiguren in welzijnsorganisaties en veel vrijwilligers een katholieke achtergrond hebben, al zijn ze lang niet altijd praktiserend. Ik wil deze mensen het gevoel geven dat ze bij de gemeenschap van de kerk horen en dat wij ze waarderen en willen bemoedigen.
Ik heb wél het belang geleerd van draagvlak in de eigen gemeenschap. Je moet activiteiten inbedden in beleid. Voorheen was ik wel eens een hobbyist. Ik heb drie keer een Multiculturele Kerstsamenzang getrokken. Maar zodra ik andere prioriteiten kreeg zakte het meteen weg. Nu is het beleid om het contact met de allochtone katholieke gemeenschappen te verbeteren. In de toekomst kunnen we dan sámen zo’n samenzang organiseren, in plaats van dat je hen alleen maar uitnodigt voor de liederen.

Het is nu wel moeilijker met zes parochies. Ik sta verder van de mensen af en heb de actieve steun van de pastoraatsgroepen en maatschappelijke sleutelfiguren nodig. In Nieuwegein werk ik al negen jaar. Zo heb ik veel mensen leren kennen. Soms word ik op dingen geattendeerd door kerkgangers. Onlangs hoorde ik in Lopik dat daar veel alcohol wordt gedronken door jongeren onder de 16 jaar. Een mevrouw uit de gemeenteraad coördineert daar de Nachtwacht; zij ziet de verloedering onder haar ogen en vindt dat er iets gedaan moet worden. Zij voelt zich daarbij soms alleen staan. Ik ben geweest op een voorlichtingsavond van de gemeente voor ouders van 12-jarigen en heb daar verslag van gedaan in de parochiebladen van Lopik en Benschop. Deze mevrouw (zelf van hervormde huize) voelde zich hierdoor gesteund. Ik heb haar gezegd dat ik haar waardeer om haar morele passie. Die is nogal eens ver te zoeken in de politiek. Het is belangrijk het waaien van de Geest te signaleren en mensen zoals zij moreel te ondersteunen.

Nu, 25 jaar later, nog steeds bevlogen?

Jazeker, al kan dit werk je nogal opslokken. De generatie vóór mij kwam van het seminarie. Ik wilde nooit priester worden; het celibaat is niets voor mij. Ik ben blij met mijn gezin, al zie ik wel het gevaar dat Ria en de kinderen tekortkomen. Maar mijn vrouw komt goed op voor hun belangen! De kunst is om vreugde de grondtoon te laten zijn van ons leven. Aandacht voor spiritualiteit is belangrijk. Dat hoor ik ook van mensen: de weg naar binnen gaan zodat je de uitdagingen van het leven aankunt en met overgave kunt leven. Dat is iets waar de kerk de mensen bij kan helpen. Dat hoort ook bij Franciscus: leven in verbondenheid met al wat is, maar je ook op tijd terugtrekken, aandacht voor gebed en meditatie. Net als hij willen wij naar onszelf, naar elkaar en naar God toe eerlijk zijn en eenvoudig leven. Met ons gezin gaan we om de twee, drie jaar naar Taizé toe. De kinderen vinden dat weldadig. De eerste keer dat ik er was, in 1978, ging het over ‘strijd en aanbidding’, en dat is het voor mij altijd gebleven. De weg naar binnen en de weg naar buiten kunnen niet zonder elkaar; ze versterken elkaar.
De kerk zou veel meer dan nu de gemeenschap kunnen zijn die mensen begeleidt bij hun innerlijke ontwikkeling, bij het ontwikkelen van levenskunst.

Heb je zelf voldoende tijd voor bezinning?

Werken in onze moestuin is een goede manier om afstand te nemen en tot mezelf te komen, te aarden. Tijdens de vakantie heb ik met een van onze zonen een prachtige fietstocht gemaakt door Italië, onder andere langs een aantal Franciscaanse plekjes. In IJsselstein zijn er sinds kort bijeenkomsten van leden van de Franciscaanse beweging. Die contacten heb ik nodig voor inspiratie.

Hoe nu verder?

Ik hoop dat ik in de andere vijf parochies van Drie Rivierenland genoeg aansluiting vind om de 'ambassadeursfunctie' te kunnen vervullen. Ik moet het hebben van mensen die mij attent maken op het waaien van de Geest.

Hoe gaat de viering van je jubileum eruit zien?

De jubileumviering vindt plaats in de Nicolaaskerk in Nieuwegein op 4 oktober, de dag van Franciscus. Vanwege de grootte van de kerk en de Franciscus-preekstoel had ik liever de basiliek in IJsselstein gekozen, maar daar is veel minder parkeergelegenheid. In mijn toespraak zal ik het hebben over de invloed van Franciscus op mijn werk. Als publiekstrekker heb ik de schrijver Kader Abdolah uitgenodigd. Hij heeft geen geloof, maar wel veel liefde voor de Arabische cultuur. Hij vindt de verstarring bij veel imams en ayatollahs vreselijk. In het boek 'Het huis van de moskee' maakt hij iets voelbaar van de gematigde Islamitische cultuur die eeuwenlang bestaan heeft en waarin het goed leven was. Het is belangrijk dat wij leren omgaan met moslims en elkaar leren begrijpen. Ik wil mensen in gesprek brengen die elkaar doorgaans niet spreken. Ook dat is diaconie. Ik hoop, door persoonlijke uitnodigingen ook mensen te trekken die wat verder van de kerk afstaan, en ook moslims uit de regio. De maaltijd wordt vast gezellig (belegde broodjes en soep uit onze moestuin). Daarna zal er een feestelijke eucharistieviering zijn met als voorganger een priester uit een van mijn vorige standplaatsen. Het Zonnelied van Franciscus zal ’s middags en ’s avonds op een nieuwe melodie ten gehore gebracht worden. De dag wordt besloten met een receptie. Alle onderdelen zijn ook los te bezoeken. Dus kijk maar wat je leuk vindt.

Hans, van harte gefeliciteerd met je jubileum en we hopen dat het een mooie dag wordt!

Ineke Brouwer en Paul Nieuwenhuis

 

 

 

 

 

 

© 3eenheidparochie 2012 - 2018          --- Disclaimer ---       --- Privacy verklaring --- ↑ Top