Overweging bij Johannes 17,11b-19

Als van iemand gezegd wordt dat hij of zij niet helemaal van deze wereld is, dan is dat niet positief bedoeld. We gebruiken die uitdrukking als we die persoon te idealistisch vinden, of te zweverig. Hij of zij is niet realistisch, staat te weinig met de benen op de grond. Toch worden in het evangelie diezelfde woorden gebruikt: wel in de wereld, maar niet van de wereld zijn. Is dit evangelie dan toch een oproep om idealistisch te zijn? Wat bedoelt Jezus toch met die uitdrukking? Is Jezus een zweverig type? Heeft hij geen realiteitszin? Integendeel, zou ik zeggen. Jezus zag heel goed dat zijn optreden grote weerstanden opriep.

Wat bedoelt Jezus dan wel? Laten we eens wat nauwkeuriger naar de lezingen kijken. Ze gaan over Judas, de apostel die Jezus verraden heeft. De Bijbelgeleerden zijn het erover eens dat Judas motief waarschijnlijk tweeledig was. Hij was de geldbeheerder van de apostelen, en in het Johannesevangelie staat dat hij nogal eens geld uit de kas verdonkeremaande. Voor zijn verraad kreeg Judas 30 zilverlingen, wat gelijk staat aan vier maandlonen van een arbeider. Judas was dus gek op geld. Maar ook kan het goed zijn dat Judas, nog meer dan de andere apostelen, hoopte dat Jezus een opstand tegen de Romeinen zou leiden. Jezus zag zijn missie anders. Dat kan Judas ernstig teleurgesteld hebben; hij had waarschijnlijk gehoopt op een hoge positie. Uit wraak verraadde xl5374 column evenementen moeten de wereld mooier makenhij zijn leermeester aan de joodse autoriteiten, die al langer probeerden Jezus te pakken te krijgen.

Judas wordt in de lezingen tegenover de andere leerlingen gezet. Je zou kunnen zeggen: Judas is van de wereld, en de leerlingen zijn niet van de wereld. Van de wereld zijn is blijkbaar hier: je gedrag laten leiden door kortzichtig financieel eigenbelang, door wraakzucht en door politieke machtswellust. Er staat ook in de Bijbel dat Judas spijt kreeg. Hij bracht het geld terug naar de tempel en beroofde zich vervolgens van het leven. Hij lijkt hier de misdadiger. Maar het evangelie maakt Judas niet alleen maar zwart. Hij leverde Jezus over omdat de Schrift vervuld moest worden, staat er: het moest dus zo zijn. Het paste binnen Gods plan. De missie van Jezus was om trouw te zijn aan zijn hemelse Vader en de opdracht die de Vader hem gegeven had. Trouw tot in de dood. Iemand moest hem dus overleveren. Judas vervulde die taak. In de bijbel gaat het anders toe dan in veel films, waar de goodies tegenover de baddies staan, de goede mensen Zilverlingtegenover de slechte. In het Bijbelse denken zijn alle mensen zondaars. Het is de liefde van God die hen helpt om uit te stijgen boven zichzelf. Als we iets goeds doen is dat niet iets om mee te pronken; het is eerder iets om God dankbaar te zijn: Hij heeft het in ons tot stand gebracht, en wij, zondaars, hebben daarvoor open gestaan. Maar op andere momenten sluiten we ons daarvoor af en gehoorzamen we aan heel andere impulsen. Kijk maar naar de leerlingen: toen Jezus gevangen genomen was vluchtten ze allemaal weg. Petrus verloochende zijn meester tot drie keer toe. En Judas had de soldaten de weg gewezen; hij verraadde zijn meester met een kus.

Zo komen we meer in de buurt van wat Jezus bedoelt met “niet van de wereld zijn”? Het is iets anders dan “een goed mens zijn”, ook al is er met dat streven niks mis. Als je een goed mens wilt zijn, dan zie je jezelf als de regisseur; jij bent het centrum van jouw wereld. Jij hebt idealen, jij hebt normen en waarden. Jij denk ook dat je, meestal, bij de goede mensen hoort. Zo is ook het mensbeeld van de moderne wereld. We zijn daarin allemaal burgers, en we maken allemaal keuzes, al of niet vanuit een bepaald geloof of een bepaalde levensbeschouwing.

Het mensbeeld van Jezus en de apostelen is echt anders. Niet de wil van het individu staat daar centraal, maar de wil van God, die liefde is. Jezus bidt voor zijn leerlingen en ook voor ons, opdat wij één zijn in onze toewijding aan het woord van God en aan God zelf. Hij heeft zich ook toegewijd aan zijn hemelse Vader. Zijn motto was: niet mijn wil, maar uw wil geschiede. Zoals Paulus ook ergens zegt over zichzelf: het gaat niet om mij, maar om Christus in mij. Paulus beseft dat hij altijd een beperkt mens blijft, een zondaar. Maar Christus helpt hem steeds weer om uit te stijgen boven zichzelf, en lief te hebben.

Jezus heefpinksteren2t het ook over vreugde. Hij hoopt dat de leerlingen zijn vreugde ten volle in zich hebben. Het is de vreugde die bij liefde hoort, de vreugde van Pinksteren, de vreugde dat de Geest van God in jou en mij werkzaam is. Ik wens het ons allen toe: dat we groeien in liefde, omdat niet ons ik, maar Christus en zijn woord het centrum zijn van ons doen en laten. Moge het Pinksterfeest ons daartoe nog meer bezielen.

pastor Hans Oldenhof
© 3eenheidparochie 2012 - 2018          --- disclaimer --- ↑ Top