6-7 juli 2024

6 juli 2024

Veertiende zondag door het jaar

  • 1ste lezing: Ez 2,2-5
  • 2de lezing: 2 kor 12,7-10
  • Evangelie: Marcus 6,1-6

Een gezond geloof.

Al zit niemand erop te wachten, al denkt niemand eraan: God zendt een profeet. Tegen alle weerbarstigheid in. Een profeet , een postbode van God. Een echte profeet die Gods stem laat horen en de mensen niet naar de mond praat. Dat doen de valse profeten: zij draaien de mensen een loer,. Het klinkt zoet in de oren, deze nep- profeten zijn geliefd, maar zij sussen de mensen in een dodelijke verlammende slaap van de onverschilligheid.

Dan krijg je teksten in de eerste lezing: of mensen nu luisteren of niet, ze zullen weten dat er een profeet in hun midden is( 1ste lezing) Waar Heeft Jezus die vandaan? Ze nemen er aanstoot aan!

Ondertussen rijst de vraag: Een gezond geloof, hoe ziet dat eruit? Geen makkelijke vraag. Lang is er gedacht dat geloof doorgegeven kan worden. De kinderen staan toch ook in het opvoedingsproces op de schouders van hun ouders. Echter geloof is meer dan een staan in een opvoedingsproces. Er kunnen kinderen  geloofszaken aangeleerd worden: kruisteken, tekst van het onze vader, Wees gegroet,  geloofsbelijdenis. Voor een gezond geloof is meer nodig dan het je eigen maken meer dan teksten. Geloof heeft te maken met een relatie tot een levende Persoon: Jezus Christus, Gods Zoon, waarlijk God en waarlijk mens. De leerlingen in het evangelie staan in die relatie met Jezus, vandaar dat ze met Jezus meegaan. Kom en zie! Een relatie, een levend gesprek, een diep vertrouwen, een hoor en wederhoor, een verlangen om Jezus steeds meer en beter te leren kennen. De wereld op een andere manier te zien. Het heilige te ontdekken, je eigen te maken, vandaaruit te bidden, te lezen en stil te worden. In het heilige- het sacrale-  Gods Grootheid, anders zijn en nabij zijn te vieren in de liturgie van onze Kerk. Dat is een heel proces, dat weet ik.

De eerste stap is dan ook niet onverschilligheid, maar verwondering en openheid, die ons mensen wakker maakt elke seconde van ons leven, van de wieg tot het graf. Gezond geloof begint bij verwondering, een open hart en geweten, een open houding: Heer wat vraagt U van mij? Hoe kan ik in uw hand uw instrument zijn? Hier wordt afscheid genomen van de maakbaarheid, en eigen geslotenheid. Hier komt ruimte, heilige ruimte waar God kan werken. Dát Hij werkt, of wij het nu willen of niet, maakt de 1ste lezing van de profeet Ezechiël duidelijk.

Al eeuwen maakt onze kerk die hele proces benoembaar in het woord bekering. Je omkeren naar God, de hand van Jezus vastpakken en vasthouden. Zelfs Paulus in de tweede lezing krijgt te horen dat hij niet stil moet blijven staan bij zijn onvermogen, de doorn in zijn vlees. Gods Kracht is voor hem genoeg, krijgt hij te horen. Ook wij krijgen dat te horen. Niet onze onmacht is waar het omdraait, maar Gods genade, kracht. Dat geschenk van God- waar je altijd om moet vragen- is voor ons genoeg. Gods kracht maakt ons innerlijk sterk om zelfs de grootste obstakels in het leven te overwinnnen.

Een gezond geloof gaat verder. Na de verwondering en openheid je zelf blijven verdiepen. Het licht van Gods boodschap laten schijnen over je woorden, wat je zegt, doet maar ook nalaat en bewust niet doet, in je dagelijks leven.  Wandelen met de Heer, dan komt de vorming van God, die ons leven een stevig fundament geeft. Of om het met de 1ste lezing te zeggen: “Hij doet ons recht overeind staan in het leven.”

Andere berichten