1-2 juni 2024

1 juni 2024

Sacramentsdag

  • 1ste lezing: Ex 24,3-8
  • 2de lezing: Hebr 9,11-15
  • Evangelie: marcus 14,12-16. 22-26

Een diep verlangen.

Een diep verlangen spreek uit de lezingen en de liturgie van deze dag. Jezus wil alle mensen tot zich trekken en wel in een zichtbaar gebeuren dat wij  met ons hart kunnen verstaan.  Een diep verlangen om de mensen  leven te geven door Hem, met Hem en in Hem, een verbond. Jezus drinkt niet meer wat de wijnstok voortbrengt: wijn. Hij geeft aan  het kruis zijn eigen Bloed.

Wanneer wij besluiten  als HET teken van ons geloof in Jezus Christus te communie te gaan ( niemand moet ter communie gaan, en bij wie het innerlijk leven niet in overeenstemming is met Jezus,  zou zich des te meer  moeten afvragen of het ter communie gaan wel wenselijk is, zonder een teken van tegenspraak te zijn)  ontvangt het hele Lichaam en Bloed van de Heer, onder de gedaante van brood.  Hier spreekt een verlangen van Jezus uit, om voedsel te zijn voor mensen op hun levensweg. Een diep verlangen om alle mensen de reddende hand te reiken voor het eeuwig leven.  Een diep verlangen ook bij Mozes in de eerste lezing: “Alles wat de Heer zegt  zullen wij doen en ter harte nemen”.  Hij bekrachtigt dit met de besprenkeling met bloed over de mensen.  Dit alles gebeurt rondom de 12 wijstenen, de 12 stammen van Israël , Gods verbondsvolk.

Een diep verlangen  dat ook ons tot nadenken mag brengen. In het geloof zit een verlangen verscholen dat wij Gods aangezicht willen ontdekken en zien.  Veel mensen smalen soms dat zij God nog nooit hebben gezien en dat zij ook Hem nooit ontmoet hebben.  Wie naar de kerk gaat en de eucharistie viert kan dit niet meer zeggen.  Juist hier zien wij  Jezus onder de gedaante van brood en wijn, na de consecratiewoorden van de priester in eenheid met  u allen en uit naam van u allen en van de hele wereldkerk, opgedragen en uitgesproken: Zijn Lichaam, Zijn Bloed.  Hij knielt………… aanbidt……………  in een heilige eerbied, lees verlangen.  De Heer is hier!  Zelfs zó is Hij hier dat het overgebleven  geconsacreerde brood in het tabernakel wordt bewaard om aanbeden te worden.

Dat vraagt van ons een groeiend  werken naar verlangen. Ook bij de priesters van onze Kerk.  Ook hun leven , ook mijn leven  mag geen teken van tegenspraak zijn.  Wie zich als priester bewust is van een zware zonde, kan de eucharistie niet vieren, zonder eerst sacramentele boete en absolutie, wil zijn leven geen teken van tegenspraak zijn, wil zijn priesterlijk leven niet zonder vrucht blijven.

Een diep verlangen om met God te leven en te wandelen, dát is de dagelijkse uitnodiging van Jezus aan ons.  Ook in Jezus vinden wij dat diepe verlangen: vurig heb Ik verlangt, eer Ik ga lijden, dit paasmaal met u te vieren.  ( luc 22, 15) Zijn verlangen staat in het teken van het komen van Gods Koninkrijk, waar mensen die rein van hart, God zullen zien zoals Hij is. ( zie bergrede mat 5,3)  Een verlangen ook om zichzelf te geven als voedsel dat de wereld niet kan en ook niet wil geven. Dat voedsel komt hier, is hier.

Een diep verlangen van Jezus ons te ontmoeten. Dat is de ene kant. Nu de andere kant, ons verlangen. Verlangt U, bent u erbij met heel uw hart, in oprechtheid? Mag ik dat vragen?  Eucharistie vier je niet als toeschouwer, afstandelijk, op een afstand, met gereserveerdheid, een houding van tja………   Die dit in het verleden hebben gedaan, zijn al geruisloos achter de schermen verdwenen. Die zeggen nu lachend in ons gezicht tja vroeger………………………  nu niet meer.

Een diep verlangen. Kunnen wij dat opbrengen. Durven wij daar een prijs voor te betalen. Niet zondagsochtend op het voetbalveld, niet joggen, racen, sportschool enz. Maar  samenkomen in de feestzaal van de Heer. Als wij daar zijn ons eigen leven met brood en wijn leggen in het handen van de priester, het samen opdragen………. Niet voor niets bidt de priester: bidt broeders en zusters dat mijn EN UW offer aanvaard kan worden door God de almachtige Vader.

Durven wij daar de prijs voor te betalen:  net als thuis, handen wassen,  goed humeur,  geen gegrom en gegrauw aan tafel, geen gezeur en gedram,  maar oprecht en eerlijk samen te zijn rond de keukentafel, Durven wij zo ook hier te zijn en ons geweten te onderzoeken of ik wel ter communie gaan kan?  Om het met een goede oude en toch toekomstgerichte zin te zeggen: in staat van genade te zijn.

Vurig wil ik verlangen , eer Ik ga lijden die paasmaal met u te vieren. Dat diepe verlangen van Jezus, dat dat op ons afstraalt. Een diep bverlangen te hebben als mens en gelovige, als betrokken mens bij het meest kostbare wat ons in handen is gelegd. Ik hoop het en wel om één reden: om te komen tot een echte vernieuwing in onze Kerk.

Andere berichten