Dinsdagmeditatie 7 mei

6 mei 2024

Johannes 16, 5-11

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: “Thans ga Ik naar Hem, die Mij gezonden heeft, en niemand van u vraagt Mij: Waar gaat Gij heen? Omdat Ik u dit gezegd heb is uw hart vol droefheid. Toch zeg Ik u de waarheid: het is goed voor u dat Ik heenga; want als Ik niet heenga, zal de Helper niet tot u komen. Nu Ik wel ga zal Ik Hem tot u zenden. Eenmaal gekomen zal Hij de wereld het overtuigend bewijs leveren van wat zonde, gerechtigheid en oordeel is: van wat zonde is, omdat zij niet in Mij geloven; van wat gerechtigheid is, omdat Ik naar de Vader ga, zodat gij Mij niet meer ziet; van wat oordeel is, omdat de vorst dezer wereld geoordeeld is.”

Hier vallen wel een paar dingen op.

  1. Jezus zegt: niemand van u vraagt Mij: waar gaat Gij heen? Zouden de leerlingen niet goed luisteren, niet geïnteresseerd zijn, meer met eigen problemen en vragen bezig zijn?
  2. De invulling van de woorden ‘zonde, gerechtigheid en oordeel’. Niet geloven in Jezus, het niet meer zien van Hem, het oordeel van de wereld over Jezus zelf. De Helper doet meer, maar in deze tekst lijkt het erop dat Hij de leerlingen zal inwrijven wat er fout gegaan is…

Wat de leerlingen moeten leren is zelf gaan staan, zelfstandig zijn. Als je kennis (weten) en kunde (handelen) hebt geleerd (de Leraar vindt dat dat voldoende is gebeurd), dan wordt het tijd om volwassen te worden.

  • Om over na te denken
    Volwassen worden is vooral jezelf onder ogen komen en verantwoorde-lijkheid nemen voor je daden en je feilen.
    Hoe goed kan ik dat?
    Wie/wat kan mij helpen in dat proces?

Gedachten van anderen over deze tekst

Mijn eigen gedachten zie ik soms terug in teksten van anderen…

Jezus spreekt woorden ten afscheid, maar de leerlingen willen het niet horen. Ze hebben andere plannen en afscheid past daar niet in. Wat Jezus ook zegt, ze steken hun kop in het zand en doen of er niets aan de hand is. Zoals een kind de handen voor de ogen slaat en vervolgens denkt dat jij haar niet meer ziet, omdat ze jou niet ziet. Of zoals heel wat mensen hun problemen uit de weg gaan, met de gedachte, dat het zich dan vanzelf zal oplossen. Ze laten hun enveloppen gesloten liggen in een laatje en denken dat daarmee ook hun schulden verdwijnen. Niets is minder waar, want zorgen en problemen hebben de neiging groter te worden als je ze ontkent, maar beter te hanteren te zijn wanneer je ze onder ogen ziet.

Ook Jezus benoemt dit struisvogelgedrag in het gesprek als hij zegt: “Jullie vragen niet waar ik heen ga”. Blijkbaar hebben de leerlingen genoeg aan hun eigen zorgen en willen ze niet luisteren naar wat Jezus hen te zeggen heeft. Ze willen niet onder ogen zien dat hij er op een dag niet meer is om hen voor te gaan. Door dit ontkennende gedrag kunnen ze ook amper de gedenkwaardige woorden horen, waarmee hij hen voorbereidt op de tijd die komt. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat de leerlingen een nieuwe fase ingaan en ik heb dat voor mezelf maar genoemd: wordt nu eindelijk eens volwassen! Ga eens op je eigen benen staan en neem de verantwoordelijkheid voor je leven.

(Antoinette van der Wel)

  • Om over na te denken
    Na Hemelvaart zien we Jezus niet meer. Maar we krijgen hulp.
    Hoe voelt dat?
    Hoe kun je die hulp inzetten?

 Nog een stukje van A. van der Wel

Nu mogen ze zelfstandig verder. Dat is natuurlijk niet alleen maar leuk. Want soms kan het heel prettig zijn om even tegen iemand aan te leunen en een ander de beslissingen te laten nemen. Het wordt nu tijd dat ze hun eigen spoor gaan trekken, hun eigen beslissingen nemen, hun eigen geloof vorm gaan geven. Je kunt dus blijkbaar niet eindeloos blijven bij het geloof uit je kinderjaren of het aan verliefdheid verwante gevoel toen je het geloof net had ontdekt. Er horen andere fases bij, je moet de woestijn door, je moet overeind krabbelen na een val en je moet alle vragen stellen die je dwars zitten. (…)

Wat betekent mijn rijkdom voor de rest van de wereld? Mag mijn geluk ten koste van een ander gaan? Waar heb ik mijn naaste beschadigd en gekwetst? Waar was mijn gelijk slopend voor een ander? Waar was mijn geloof de maatstaf en kon ik niet meer horen waar die ander mee zat? Dat is nu precies wat de leerlingen van Jezus en wij in zijn voetspoor moeten leren. Maak zelf je keuze, draag verantwoordelijkheid voor je eigen leven, verschuil je niet achter een ander, ook niet achter God zelf. (…)

Het zal niet altijd duidelijk zijn wat goed en kwaad is, dat ligt maar al te vaak in elkaar vervlochten. We weten dat we de waarheid niet bezitten, maar zijn volgelingen van de Ware. We gaan in zijn voetspoor en proberen ons leven vorm te geven zoals hij het voorleefde. We vertrouwen daarbij dat hij met zijn Geest ons nabij is, als levensadem, inspiratiebron en kritische bondgenoot.

  • Om over na te denken
    We weten dat Jezus de aarde heeft verlaten. We weten wat Hij van ons wil.
    Hoe kan ik Gods regels vorm geven in mijn eigen leven?
    Waar vind ik de broodnodige ondersteuning en hulp?

Gebed bij het feest van Hemelvaart

 Jij,
die je terugtrekt en ruimte maakt
om ons zo op een nieuwe manier ongehoord nabij te zijn:
blijf met ons verbonden,
want overgelaten aan onszelf
kunnen wij niets doen.
Blijf onze bron,
blijf onze levenskracht,
blijf ons uitzicht.

Kijk niet naar de hemel,
zo is ons gezegd.
Zoals Hij onder jullie was
als uitweg in de dreiging,
als herstel in gebrokenheid,
als vrede in conflict,
zo zal Hij er opnieuw zijn:
verborgen in nabijheid,
wonder van gewoonheid,
vernieuwend in het leven
dat gewond en gekwetst
ongebroken voortgang vindt.

Als een moeder,
zo beloofde jij,
schep Ik een thuis voor jullie.
‘Zoals je werkelijk bent,
jij en geen ander,
zal je ruimte vinden,
zal je ruimte bieden,
zal je ruimte worden
op de weg van het leven.’

Geen wezen zullen wij zijn,
maar jouw zussen en broers:
geliefd in de verbondenheid
die alles draagt,
die alles bergt,
die alles laat bestaan en doet leven.
Tegen elke dood in.

(Erik Borgman, uit: Gebeden voor lichte en donkere dagen)

Andere berichten